Posts tonen met het label tour. Alle posts tonen
Posts tonen met het label tour. Alle posts tonen

dinsdag 9 oktober 2012

Barong dans, Monkey Forest, Tanah Lot; op tour in Bali!

Die ochtend staan mam en ik op tijd op. We douchen, ontbijten en zoeken spullen bij elkaar voor de tour van vandaag. Als we aan komen lopen staan Paatje, Willeke en Erik al op ons te wachten bij het busje.

We gaan op pad. Al snel wordt het warm in het busje; de airco doet het niet zo goed. We doen de raampjes open om het wat aangenamer te maken.

Het is druk op de weg; overal busjes en heel veel brommers en scooters. Het stinkt dan ook van de uitlaatgassen.

Onderweg winkeltjes, maar ook een straat met allemaal houten meubelen, rotan en dan weer heel veel potten, tegels en stenen beelden.

Als er geen winkeltjes zijn, rijd je langs rijstvelden (sawa’s). Ook zien we heel veel karretjes met etenswaren. Tegen etenstijd komen die soort van rijdende snackkarren tevoorschijn.
  
De eerste toeristische attractie voor die dag is een voorstelling Barong dansen. We voegen ons bij de grote groep toeschouwers in het openlucht theater. Op een uitgereikt A4-tje krijgen we uitleg over hetgeen er gespeeld wordt. Mooi hoor; het dansen en de aankleding!
De voorstelling duurt niet echt lang. Net mooi, want het is best wel warm.


We stappen weer in het busje. Na een kort ritje komen we langs een galerie in het kunstenaarsplaatsje Ubud. De chauffeur stopt het busje, zodat we er een kijkje kunnen nemen. We krijgen uitleg over een paar kunstwerken. Ook zitten er twee mannen te schilderen. Acryl op canvas. Het penseel is een stukje bamboe dat aan het uiteinde platgeslagen is. Een hand dient als palet. De schilderijen die de mannen maken zien er echt prachtig uit!



In Ubud gaan we ook naar Monkey Forest; een tropisch woud met loslopende apen. Het is er prachtig, lekker koel en, ondanks de vele toeristen, toch ook rustig.
We zien er onder andere dikke oude bomen en bomen met hele lange luchtwortels, een beetje zoals ik ze ook in Queensland gezien heb.



Ergens in Monkey Forest, tussen het groen, de lotusbloemen en de bananenbomen staat een restaurant. Wij nemen er plaats op het overdekte terras en genieten er van een heerlijke maaltijd met gado gado, rijst, bami en saté. Ook het toetje, ijs met vruchten en cake, smaakt erg goed. En dat voor 210.000 roepia’s, dat is ongeveer 55 gulden*, voor vijf personen.



We gaan het busje weer in op weg naar de volgende toeristisch attractie; Tanah Lot, een tempel in zee. Onderweg zien we weer sawa’s, winkeltjes, eetkarretjes en brommers.

We kunnen de Tanah Lot tempel, die bij vloed helemaal omgeven is door water, niet in of op. Er wordt namelijk hard aan de tempel gewerkt om de tempel beter tegen het water van de Indische Oceaan te beschermen.
Ook hier weer heel veel winkeltjes. Maar ook meisjes en kinderen die achter je aanlopen om kaarten te verkopen. Misschien ook wel om er een beetje vanaf te zijn, koopt mam een stapeltje kaarten. En dat helpt inderdaad. Zelfs Paatje is daardoor van de kleine verkopertjes af. Later vertelt hij ons dat hij tegen de verkopers gezegd heeft dat ‘z’n vrouw’, al kaarten gekocht heeft. Ik moet er om lachen.
We wandelen er wat rond en nemen plaats op een heel groot terras dat uitkijkt over de oceaan. Erik en Paatje nemen een kokosnoot, die ter plekke stukgeslagen wordt. Ik mag wat sap en ‘vruchtvlees’ van ze proeven. Echt vies is het niet, maar ik houd het toch maar bij mijn Fanta Strawberry.

Beneden bij het strand ligt lavagesteente. Na daar nog even overheen gewandeld te hebben, gaan we weer richting ‘huis’. Maar niet zonder onderweg nog wat gegeten te hebben.
We stoppen bij ‘Batavia’, want volgens Erik zou in dat eettentje het eten heel lekker zijn. Hoewel we niet zo heel veel trek hebben, is het inderdaad lekker.
Het is al donker als we ‘thuis’ komen. Mam en ik nemen nog een duik in het zwembad, rommelen nog wat op de kamer en gaan dan naar het restaurant bij ons hotel. Niet om te eten, maar om er samen met Erik en Willeke onder het genot van thee, koffie en ijs te genieten van livemuziek.
Robby, de hotelmanager zingt samen met iemand achter een keyboard. Ook enkele van de gasten zingen wat. Erg leuk! Er zijn zelfs mensen die een dansje wagen.
Een gezellige afsluiting van een leuke dag!!!

Met dank aan mams dagboekje voor de vele details.

* Ik rekende destijds nog met de gulden. De Euro was mij nog te onbekend.


zondag 9 september 2012

Aan boord van de Indian Pacific voor een treinreis van bijna twee dagen


Die ochtend stappen we in de trein; de Indian Pacific. Die trein rijdt tussen Perth in het westen en Sydney in het oosten van Australië.

Marleen en ik zullen niet dat hele traject afleggen; wij gaan er in Adelaide uit.
Desondanks is het toch nog zo’n 2700 kilometer van Perth naar Adelaide. We zullen daar bijna twee dagen over gaan doen. De trein gaat dus niet echt hard.

We zoeken ons plekje in de trein en instaleren ons een beetje. Eerst vermaak ik me prima met een tijdschrift dat Marleen uit Nederland meegenomen heeft.

Na de lunch wil ik eigenlijk een poging doen wat te slapen. Maar als er een film gedraaid wordt, ga ik toch maar kijken.

Die avond eten we een kipburger. Niet lang daarna komen we in Kalgoorlie aan.
De trein zal daar maar liefst drie uur stil staan. Er is een mogelijkheid om met een tour mee te gaan en dat doen we maar.

De tour is leuk, maar ik ben slaperig en dommel een paar keer in. Het is soms moeilijk m’n ogen open te houden. Toch zien we tijdens de tour veel gebouwen van Kalgoorlie. Ook werpen we een blik op een gigantisch grote open mijn. De mijn waar het in Kalgoorlie om draait; een groot gedeelte van de inwoners van Kalgoorlie is er werkzaam.


Omdat ik zo moe ben, ik heb al een paar dagen niet helemaal goed geslapen, maak ik me, eenmaal terug in de trein, klaar voor de nacht.
Of dat slapen in een rijdende trein een beetje zal lukken, lees je morgen op mijn blog.
Stay tuned!

zaterdag 8 september 2012

Wave Rock, Hippo’s Yawn, een hondenbegraafplaats en koddige alpaca’s

De tour gaat weer verder. Na een stop om even de benen te strekken, rijden we naar Wave Rock. Deze rots ziet er door erosie uit als een golf. We gaan er dan ook met een boogie board (een klein surfplankje) op de foto.
We lezen er nog het een en ander over het ontstaan van de rots, de erosie, etc.


Via de top van de rots en een pad lopen we naar Hippo’s Yawn. Die rotsen zien er uit als een openstaande bek van een nijlpaard.

We kijken nog even rond in de souvenirwinkeltjes die er zijn en schuiven dan aan voor de lunch. De pie, salade en groenten die we voorgeschoteld krijgen smaken erg goed.


Na de lunch gaan we weer verder. We brengen een bezoekje aan een hondenbegraafplaats. Een begraafplaats voor honden; ik vind het maar een raar idee en sta een beetje lacherig naar al die stenen graven te kijken.
Pas als ik vorig jaar de film ‘Red Dog’ zie, begrijp ik het een beetje.


Daarna gaan we nog naar een boerderij met alpaca’s. Wat zien die lama-achtige beesten er toch grappig uit! We mogen ze voeren en dat doen we graag.
Ook hebben ze op die boerderij nog ezels, struisvogels, honden en een hert dat denkt een hond te zijn.





We gaan weer verder om in het historische stadje York een stop te maken. We krijgen zo’n drie kwartier om er rond te kijken. Het blijkt een leuk stadje met mooie gebouwen te zijn.


Dan rijden we verder; terug naar Perth, de tour zit er op.
Weer in de inmiddels vertrouwde jeugdherberg in Perth hebben we allemaal regeldingen en meer te doen; boodschappen doen, wassen, eten, was in de droger, internetten, was nog eens in de droger, tas pakken en de dagboekjes bijwerken.

De volgende dag reizen we weer verder. Waar naar toe lees je morgen…
Stay tuned!

vrijdag 7 september 2012

We vermaken ons er zo goed mee dat we er laat van in bed liggen

Na het ontbijt gaan we naar Cape Le Grand National Park. Daar kunnen we Frenchman’s Peak beklimmen. Marleen en ik wagen ons er wel aan, maar op een gegeven moment wordt het ons toch echt te steil. Op handen, voeten en ons achterwerk gaan we naar beneden.

Onderweg, zowel naar boven als naar beneden, zien we diverse bloemetjes en een hagedis. Ook het uitzicht is trouwens mooi; we zien onder andere de zee met verschillende eilandjes in de verte.



De volgende stop is Lucky Bay, een strandje. Het zand daar is weer van dat piepzand. En de zee is blauwblauwgroen.
We genieten er van thee en koffie met van die lekkere Anzac biscuits.

Daarna bezoeken we nog een ander strandje; Hellfire Beach. We zien er prachtige golven en maken dan ook heel wat foto’s.





In Esperance krijgen we twee uur de tijd om te lunchen. In die tijd gaan Marleen en ik onder andere naar een paar boekwinkels en winkels met een boekenhoek.
Ook gaan we naar een soort VVV. Daar vlakbij zijn allemaal leuke kleine winkeltjes. We kijken er rond en eten er onze lunch.


De tour gaat vervolgens verder naar een windmolen Park, Pink Lake (echt paars is dat meer niet; een dag eerder scheen het paarser te zijn), nog een strandje en een uitkijktoren.

We gaan terug naar het hostel en hebben nog wat tijd voordat de barbecue begint. Marleen en ik besluiten om nog even Esperance in te gaan. Echt interessant is dat niet, want de meeste winkels zijn al gesloten.

Terug op de kamer in het hostel lezen we nog wat totdat de barbecue begint. Die barbecue is erg lekker. Ook de salades smaken goed.

Daarna gaan we weer lezen; Marleen in een romannetje, ik in wat magazines. Daar vermaken we ons zo goed mee, dat we er laat van in bed liggen.
Morgen meer…


Bol.com ruimt op!  Tot 75% korting op ruim 1.000 artikelen!

donderdag 6 september 2012

Een lipstick machine in Mt. Romance en andere bergen

Na de smakelijke ‘cooked breakfast’ gaan we naar Mount Romance. Dat is geen berg (mount), maar een ‘emu oil & sandelwood cosmetic factory’.
Na een presentatie worden we door het bedrijf rondgeleid. We zien van alles maar de lipstick machine maakt de meeste indruk op mij.


Tot slot kunnen we nog even in de shop rondkijken. Marleen en ik snuffelen wat rond en vinden een mooi cadeau voor Coby. We willen als we binnenkort weer bij haar en Don zullen logeren toch niet met lege handen aankomen.

Na het bezoek aan Mt. Romance gaan we wel naar een berg. We moeten eerst een stuk naar boven wandelen, wat nog best een klim is. Eenmaal boven zien we allemaal rotsen, waaronder ‘Balancing Rock’, een ronde rots die wat weg heeft van de keien van de Devils Marbles.



Helemaal bovenin zien we ‘Castle Rock’. Die ‘rock’ kun je beklimmen. Het is erg winderig en koud, maar het uitzicht maakt veel goed.

Na ‘Castle Rock’ gaan we naar de gelijknamige winery. Marleen en ik laten de wijn voor wat het is, maar we schaffen er wel een potje marmelade aan voor Don.

Vervolgens gaan we richting de ‘Stirling Ranges’, een bergketen. Hier geen klim naar boven; we zien de berg voor ons in de verte liggen. We maken er foto’s van. Ook van Bluff Knoll, één van de toppen. Prachtig!



De lunch die we daarna hebben, smaakt erg goed. Het vulde nogal; ik zit de hele middag vol.
De rest van de middag moeten er weer kilometers gemaakt worden en zitten we dus voornamelijk in het busje.

We komen op tijd in Esperance, de volgende overnachtingplaats van de tour, aan.
Marleen en ik besluiten nog even een wandelingetje te maken. Helaas gaat het halverwege regenen en gaan we maar terug naar het hostel.

’s Avonds gaan we naar een restaurantje voor het diner.
Ik neem een pasta met veel kaas en dat smaakt goed. Dat geldt ook voor het dessert; vanille ijs met chocolade saus.

Morgen gaat de tour weer verder.
Stay tuned!


Nieuw bij bol.com: Alles van Mooi & Gezond

woensdag 5 september 2012

Niets geen geklauter, maar gewoon een constructie langs de bomen

We gaan al vroeg op tour. Toch doen we ’s ochtends niet veel bijzonders; het is een kwestie van vooral veel rijden. Wel is er een theestop met lekkere koek.

Nadat we de gelegenheid hebben gekregen om te lunchen, gaat de tour weer verder. We gaan naar de Diamond Tree. Dat is een 51 meter hoge boom waar staven in gestoken zijn, waarbij je omhoog kunt klimmen.


Bovenin de boom is een klein hokje wat voorheen (en nu ook nog wel eens) een brandwacht (‘fire lookout’) was en een weerstation.
Wij, en het grootste gedeelte van de groep, wagen ons niet in de boom; we blijven met beide benen op de grond. Nou ja, Marleen en ik gaan een klein stukje omhoog voor het idee. Maar het is ons toch echt wat te eng.

Daarna nog meer bomen; de Tree Top Walk staat op het programma. Hierbij loop je op een eenvoudigere manier langs de bomen. Niets geen eng geklauter, maar gewoon een ijzeren constructie langs de toppen van de bomen en later lopen we zelfs gewoon over de grond.
Wat we zien zijn voornamelijk enorme bomen. Mooi hoor!



Vervolgens bekijken we de kustlijn rond Albany. Als eerste gaan we naar ‘the Gap’. Dat is een soort van blowhole. Een mooi gezicht dat natuurgeweld, maar wel koud!
Ook bekijken we ‘Natural Bridge’; zoals de naam al zegt, een natuurlijke brug.




Verder zien we nog meer kust rond Albany en het plaatsje zelf. Maar dat blijkt niet zo bijzonder te zijn.

Tot slot worden we naar de accommodatie gebracht; een motel, waar Marleen en ik een kamer delen. Vergeleken met de wat eenvoudige accommodatie die ik tijdens deze reis doorgaans heb, is dit motel veel luxer.

Ook het eten blijkt erg goed te zijn; een buffet met onder andere rijst, pasta, vis, calimari (inktvisringetjes) en sla.

Of ook het ontbijt zo goed is, lees je morgen.
Stay tuned!

Capitool Reisgidsen

zaterdag 1 september 2012

Struisvogels en zand

Na het ontbijt gaan we naar een Ostrich farm, oftewel een struisvogelboerderij.
Daar zien we kleine struisvogels van ongeveer een week oud en struisvogeleieren in een warmte kast. Ook zien we grotere struisvogels en er wordt van alles over die beesten verteld.
Tot slot zien we producten van struisvogels; beschilderde eieren, leer, cosmetische producten en veren. Ook bekijken we foto’s en proeven we struisvogelvlees (burgers en steak). Dat blijkt best wel goed te smaken.



Na een stop in Geraldton om wat boodschappen te doen, gaan we sandboarden.
Aanvankelijk lijkt dat me niet zo leuk. “Moet dat nou!?!”, denk ik. Maar ik besluit het er toch op te wagen. En dan ontdek ik dat het echt heel erg leuk is om te doen.

Tijdens het sandboarden ga je op een soort van snowboard zitten (staan kan ook, maar zitten is me mans genoeg) en dan glijd je van een zandduin naar beneden.

Ik vind het zo leuk dat ik op het laatst bijna niet meer wil stoppen. Ik heb echt de smaak van het sandboarden te pakken!



Na deze inspanning, het bij het zandduin naar boven lopen was best zwaar, gaan we lunchen in Dongara.
Broodjes met kaas, sla, rode biet, tomaat en komkommer vormen samen met wat patat de lunch.

Na nog een theestop komen we om een uur of zes ’s avonds in het hostel in Perth aan en zit de tour er op.
Marleen en ik doen boodschappen, koken, eten, douchen, doen de was en werken onder het genot van een kop warme thee onze reisdagboekjes bij.
Straks ons bed maar opzoeken…


Op weg naar succes!
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...